Online boek van Carl Welkisch: De mens tussen Geest en Wereld
18. Godsbeelden in de mystiek
Ieder innerlijk geopende mens merkt dat hij bij ieder religieus beleven door God wordt aangeraakt, al is dat in eerste instantie ook alleen in zijn geest, wat de uiterlijke mens zich helemaal niet als boodschap of inzicht bewust wordt, maar alleen als een gevoel van innerlijke schok of ontroering opmerkt. Als een mens verder komt op de weg naar binnen, dan doet de goddelijke aanraking ook steeds meer zijn invloed op de ziel en op het natuurlijke verstand gelden, zodat er langzamerhand een duidelijke waarneming van goddelijke aanwijzingen kan ontstaan, zoals die uit de ervaring van iedere echte mysticus genoegzaam bekend is.
Je krijgt de indruk dat in de uitspraken van vooraanstaande personages in de vroege christenheid verstandelijk inzicht en intuïtief inzicht nog samenwerkten; de scheiding tussen theologie en mystiek ontstond pas nadat de kerk van een geloofsgemeenschap tot een instituut van openbaar leven was geworden. De mystiek werd naar de rand of zelfs » ondergronds « gedrongen. Ook al hebben een tijdlang slechts weinigen er kennis van gekregen, toch zijn de openbarende mededelingen van God aan vrome mensen nooit opgehouden. Uit alle eeuwen horen wij erover door middel van de geschriften die individuele mystici hebben nagelaten.