Online boek van Carl Welkisch: De mens tussen Geest en Wereld

2. Inleiding: over de zin van mystiek

Waar leeft de mens voor? Dat is een vraag die boven het dagelijkse leven, ja boven het aardse leven als zodanig uitwijst. Met de krachten van zijn verstand begrijpt de mens weliswaar dat er een evolutie van het leven op aarde en een geschiedenis van de mensheid is geweest, en ook dat hijzelf in ontwikkeling is; maar hij is niet in staat om te doorgronden hoe die ontwikkelingen in gang zijn gezet en waar ze toe leiden. Vanuit zijn innerlijk komt echter het vermoeden in hem op dat er een superieure intelligentie moet zijn, en vanaf zijn vroegste tijd heeft hij getracht om daar kennis van te krijgen en ermee in contact te komen.

Altijd zijn er slechts weinigen in hun innerlijke wezen ontvankelijk en begenadigd genoeg geweest om het wezen en werken van die superieure macht te ervaren. Ze zijn opgetreden als priesters, profeten en stichters van orden of hebben in volkomen stilte en afzondering een volledige overgave tot stand gebracht aan die macht, die sinds lange tijd » God « wordt genoemd. Diegenen van hen, die een rechtstreekse Godsbeleving ontvangen, heten mystici. Als menselijke wezens zijn ze niet anders georganiseerd dan hun medemensen. Wat hen van anderen onderscheidt is enkel en alleen het vermogen om datgene, wat hun innerlijke mens op geestelijk vlak beleeft, ook met hun uiterlijke verstand te vatten en te begrijpen.


2. Inleiding: over de zin van mystiek
Pagina's in dit hoofdstuk:
6, 7

    
www.vergeestelijking.nl