Geschreven door de paginabeheerder

God wandelend onder ons!

God de eeuwige Geest in al Zijn volheid van de goddelijke volmaaktheid, waarvan geen gedachte in de hemel eeuwig ooit de grootheid kan bevatten, is onze Vader, wandelend onder ons, alsof Hij niet meer was dan wij! O, laten wij Hem daarom verheffen in ons hart, omdat Hij zich zo eindeloos diep vernedert om ons zondaars tegemoet te komen!

(Jakob Lorber in Bisschop Martinus paragraaf 86,9)

"Bij alle hoogheid is Zijn verschijning uiterst eenvoudig en van een grote ongekunsteldheid, de gestalte van een rijpe man in de volle kracht van zijn leven. Zo verschijnt God de Vader mij als een natuurlijk mens, en toch is Hij de Almachtige. Al Zijn goddelijke eigenschappen zijn voelbaar voor mij; maar ze zijn als het ware versluierd, om niet te overweldigen. Als lichtparels opborrelend uit alle poriën stroomt uit alle delen van Zijn lichaam de almacht als een zacht suizen; fijne, zachte stralen vloeien om Zijn mooie hoofd en gelaat, en HIJ is door en door liefde. Als het ware drijvend in de stroom van Zijn kracht, tegelijkertijd ervan doordrongen en erdoor gedragen, sta ik voor HEM. Zoals steeds bij belevenissen, die van zo'n hoog geestelijk niveau komen, zie ik mijzelf van buitenaf en niet alleen eenzijdig vanuit een bepaald gezichtspunt, maar gelijktijdig van alle kanten, en ik word gewaar, dat ook uit mijn gestalte op dezelfde wijze dezelfde goddelijke krachten en eigenschappen stralen en stromen als uit de gestalte van God de Vader. Zo sta ik tegenover HEM, veel kleiner weliswaar, maar ik voel het onmiskenbaar: ik ben van Zijn wezen, ik ben Zijn Zoon; HIJ is mijn Vader; en tussen ons is een heel innig vertrouwen. Als een liefdevolle aardse vader, die een broederlijke vriend voor zijn zoon is geworden, voert God nu geruime tijd een vertrouwelijk gesprek met mij."

(Carl Welkisch in "In het vuur van Gods Geest", 1999, blz 309)

www.vergeestelijking.nl